‘Het Hospice is niet meer weg te denken’

5 oktober 2019

In gesprek met coördinatoren Dorotheé van de Wetering en Jos Huisman

In hun eigen woorden vormen Dorotheé van de Wetering en Jos Huisman ‘een goed duo’. Met zijn tweeën – ondersteund door een klein team hulpcoördinatoren – verrichten zij de coördinerende taken bij het Hospice Parunashia. Lees meer over het vrijwilligerswerk van Dorotheé en Jos in vijf vragen.

Hoe zijn jullie bij het Hospice betrokken geraakt?

Dorotheé is geboren en getogen in Sint-Michielsgestel en woont er nu met haar gezin. “Een jaar geleden ben ik gevraagd om bij Hospice Parunashia als vrijwilliger betrokken te zijn. In mijn werk als verpleegkundige bij Buurtzorg ken ik het hospice Dommelrode in Sint-Oedenrode werk. Ik vond het mooi dat een dergelijke voorziening in mijn dorp zou starten. In de voorbereidingsfase hebben we in een werkgroep over allerlei zaken nagedacht en we hebben navraag bij andere hospices gedaan. We hebben mensen thuis bezocht die geïnteresseerd waren om vrijwilliger te worden, en ik heb de scholing voor vrijwilligers mede opgezet.”

Jos is begin 2019 bij het initiatief aangehaakt. “Als broer van voorzitter Ton Huisman wist ik er natuurlijk al wel van,” glimlacht hij. Jos is net als Dorotheé van origine verpleegkundige en werkt nu als leidinggevende bij de Ambulancedienst RAV, bij de post Uden-Veghel-Haps. Met zijn vrouw woont hij in Gemonde. “Zelf had ik jaren geleden al de gedachte ‘er moet toch ook een hospice in Gestel komen’. Daarom is het zo mooi dat ik dit nu als vrijwilliger kan doen.”

Hoe is het om als duo op te trekken?

Dat ze het coördinatorschap met z’n tweeën vervullen, vinden ze beiden ‘heel fijn’. “We zijn een goed duo,” zegt Dorotheé, “we kunnen met elkaar sparren en hebben dezelfde zakelijke insteek.” Jos over Dorotheé: “We vullen elkaar aan. Ik kom uit de acute zorg en heb geen ervaring met zorg in het hospice. Ik neem weer mijn leidinggevende ervaring mee en doe bijvoorbeeld veel rondom de roostertechnische zaken.”

Ze zijn echter niets zonder de vrijwilligers, benadrukken ze allebei. Dorotheé: “De naam coördinator zegt ons niet zoveel, we zijn gelijkwaardig. De band die de vrijwilligers met de gasten krijgen, dat is zo speciaal. Wij staan iets meer op afstand van de gasten, en dat is prima. Wij hebben weer meer het contact met de familie. En de vrijwilligers weten ons te vinden als dat nodig is.”
(tekst gaat verder onder de foto)

Wat zijn jullie taken als coördinator?

“Wij doen de intake van nieuwe gasten en hebben de contacten met de mantelzorgers, huisartsen en ziekenhuizen,” benoemt Jos. “We houden in een overstijgende rol in de gaten dat alles goed loopt, ook qua administratie. Omdat we zaken afstemmen met de thuiszorg is het fijn dat wij door onze zorgachtergrond dezelfde taal spreken.”

De vrijwilligers zijn redelijk zelfsturend. “We luisteren goed waar vragen of emoties zitten en houden de vinger aan de pols, hoe zit iemand in zijn vel?” vertelt Dorotheé. “Veel vrijwilligers hebben, net als ieder ander, een verlies meegemaakt. Dat staat niet op de voorgrond, maar ze dragen het wel met zich mee.

We hebben ontzettend veel waardering voor onze vrijwilligers, ze doen het werk met passie. In een relatief korte periode zijn ze intiem met gasten en familie, ze delen de moeilijke en de mooie momenten. Er is tijd en aandacht. Als ik hoor wat ’n mooie gesprekken vrijwilligers hebben met gasten… het is een bijzondere wisselwerking.”

Jos: “In oktober start een nieuwe scholingsgroep en we gaan beginnen met een intervisiegroep. Zo zorgen we goed voor onze vrijwilligers.”

Hoe is de samenwerking met de professionele zorg?

De samenwerking met het thuiszorgteam van Vivent verloopt super, vinden ze. “We zien vaak dezelfde gezichten, ze komen elke dag over de vloer en draaien de nachtdiensten,” vertelt Dorotheé. Met ondersteunende huisarts Eric van Rijswijk zijn de lijntjes kort en er zijn ook goede contacten met de huisartsen in de regio. “We halen nu de contacten aan met de transferverpleegkundigen van het Jeroen Bosch Ziekenhuis en met andere ketenpartners, zoals de apotheken, casemanagers en het zorgkantoor,” aldus Jos. “Zo breiden we ons netwerk uit.”

Hoe kijken jullie terug op de eerste maanden?

Dorotheé: “ We zijn zo lang met de voorbereiding bezig geweest, en nu is het er! Dat konden we ons eerst niet voorstellen. Het loopt allemaal goed, alle gasten zijn blij dat ze hier zijn en tevreden. Dat horen we en dat lezen we ook terug in het gastenboek. Er is een bepaalde berusting.” “Van de familie horen we dat er veel aandacht is, warmte en begrip,” vult Jos aan. “Als mensen hun jas over de bank leggen omdat ze zich hier thuis voelen, dat denk ik dat we het goed doen, het is heel bijzonder. Het Hospice is niet meer weg te denken.”

Tekst: Carla Jacobs